Archieven

Dit bericht is 1004 keer gelezen

Voor schapenboer Pieter de Jong uit Achterbroek is het waterpeil van groot belang | Foto: Omroep West

KRIMPENERWAARD- Het waterschap zorgt er in de Krimpenerwaard al eeuwenlang voor dat de polder droog genoeg is om te kunnen verblijven. Een goed waterpeil zorgt ervoor dat boerenland niet te drassig is en het vee de wei in kan. Maar het wegpompen van water zorgt ook voor uitdroging van de veengrond, waardoor die langzaam verzakt. Om daar iets tegen te doen, is het waterpeil in onder meer Polder de Nesse flink verhoogd. Boeren in het naastgelegen Achterbroek vrezen voor de toekomst van hun grasland, zo meldt Omroep West.

‘Zie je al die smienten daar gaan?’ Projectleider Maarten Breedveld van het Zuid-Hollands Landschap wijst omhoog in Polder de Nesse. ‘Dit is nu een belangrijk rustgebied voor deze vogels. Ze knagen hier wat op het grasland en slapen in de sloot. ‘s Nachts gaan ze in de omliggende graslanden op zoek naar eten.’ Breedveld laat zien waar hij samen met het waterschap in Polder de Nesse mee bezig is: het voorkomen van bodemdaling door het waterpeil flink te verhogen, waarmee tegelijkertijd een drassig gebied ontstaat dat aantrekkelijk is voor weidevogels.

De 260 hectare aan polder in de Krimpenerwaard, waar sinds 2016 wordt geëxperimenteerd met het hogere waterpeil, is onderdeel van het Natuurnetwerk Nederland. Dat is een lint van natuurgebieden dwars door Nederland. Juist voor de Krimpenerwaard is het beperken van daling van veengrond en de CO2 die daarbij vrijkomt een extra aandachtspunt.

‘Veengrond is uit plantenresten opgebouwd’, legt Breedveld uit. ‘Als het water eruit loopt, komt er lucht in de poriën van de grond. Dat zorgt voor vertering van het veen waardoor het zooitje gaat zakken.’ Hoe hoger je het water in de polder zet, hoe minder snel het veen verzakt, is het idee.

Hoog of laag waterpeil
Om ervoor te zorgen dat de grond niet te veel zakt, maar dat tegelijkertijd boeren hun werk kunnen doen en de lokale wegen begaanbaar blijven, stellen waterschappen zogenoemde ‘peilbesluiten’ vast. Per polder bepalen de gekozen leden van het waterschap hoe hoog of laag het slootwater mag staan.

Daarbij kijken ze welke belangen het zwaarst wegen en hoeveel dat mag kosten. Want als je in één gebied zowel een laag waterpeil voor landbouw wilt als een hoger waterpeil voor weidevogels, dan moet er een extra waterstuw bij en dat kost geld.

Uniek boeren
Het hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard probeert ervoor te zorgen dat aan alle wensen van boeren, burgers en bedrijven wordt voldaan. ‘Wij hebben een faciliterende taak’, zegt hoogheemraad Agnes van Zoelen. ‘Eigenlijk voeren wij hier besluiten van provincie en gemeentes uit. Die bepalen welke functie er aan een gebied wordt toegekend.’

‘Als de provincie ergens bijvoorbeeld natuur wil aanleggen, dan kijken wij welk waterpeil daarbij hoort en maken we dat mogelijk met gemalen en stuwen.’ Zo’n besluit wordt pas echt politiek als niet alle functies in een gebied goed kunnen worden bediend.

Arie Boer op zijn land tussen het water van Achterbroek | Foto: Omroep West

Dat zou bijvoorbeeld het geval zijn als het waterpeil in Achterbroek, een poldergebied naast de Nesse, wordt verhoogd. Boeren in het dorp maken zich er zorgen over. Landelijk is namelijk afgesproken om bodemdaling en CO2-uitstoot te beperken, onder meer met waterpeilverhogingen. De boeren vrezen dat hun werk daardoor in gevaar komt. ‘Het land ligt hier veertig centimeter boven het slootwaterpeil’, vertelt boer Arie Boer. ‘Het is al uniek dat we hierop kunnen boeren en we hebben dit peil ook hard nodig om het te blijven doen zoals we dat gewend zijn.’

Een hoger waterpeil maakt het land drassiger. ‘Dan heb ik minder gewasopbrengsten, terwijl de kosten stijgen’, zegt Boer. ‘Dan kan ik wel stoppen, want er moet toch geld in het laatje komen.’

Slootkanten kapot
Even verderop voegt schapenhouder Pieter de Jong daar nog wat argumenten aan toe. Als de grond natter wordt, lopen zijn dieren het land sneller kapot. ‘Dan kan ik mijn vee in het voorjaar dus later naar buiten doen en kan ik ze ook minder lang buiten houden’, vertelt hij. ‘Bovendien zak je dan steeds sneller weg in het land. Daardoor heb ik voor de machines op het land steeds bredere banden nodig om voldoende oppervlakte te creëren zodat ik niet wegzak.’

De twee Achterbroekse boeren bekijken de grote peilverhoging in Polder de Nesse dan ook met argusogen. ‘Een goed bemeste grasmat is in het veenweidegebied van oudsher de beschermlaag van de veenmassa’, zegt Boer, die zelf ook nog twee stukken land in die polder heeft. ‘Door het hoge waterpeil in de Nesse wordt die beschermlaag poreus en kalven de bloemrijke slootkanten sterk af. Als je die laag eenmaal kwijt bent, is het heel lastig om die weer terug te krijgen. Ik ben bang dat mijn percelen kleiner zullen worden.’

Rechts een slootkant met gaten in Polder de Nesse die langzaam afgekalfd is, links is dat niet gebeurd | Foto: Omroep West

Die zorg deelt schapenboer De Jong. Het waterschap heeft ervoor gekozen om in zijn stuk van de polder afgelopen jaren geen indexatie toe te passen, wat betekent dat het waterpeil minder is verlaagd dan de bodem daalt. Feitelijk gezien is het waterpeil de afgelopen jaren dus een klein beetje gestegen, al is dat in Achterbroek veel minder dan in Polder de Nesse. De Jong laat een paar drassig geworden oevers zien die nu zijn afgekalfd. ‘De oever is juist de plek waar de meeste soorten planten leven en die spoelt nu door wind en golfjes weg.’

Het afbrokkelen van slootkanten in Polder de Nesse waar de boeren op wijzen, is het belangrijkste leerpunt voor het Zuid-Hollands Landschap, dat die polder beheert. ‘Achteraf gezien is het water hier te snel verhoogd en schommelde het peil teveel’, zegt Breedveld. ‘De ganzen en smienten lopen ‘s winters voortdurend heen en weer tussen land en water. Doordat de kant te drassig was als gevolg van het hoge water, is er flink wat oevererosie ontstaan.’ In de rest van de 2250 hectare aan veengebied dat de komende jaren te maken krijgt met een peilverhoging, zal het water langzamer worden verhoogd, zegt Breedveld.

Het Zuid-Hollands Landschap heeft speciale brede trekkertjes om op drassig land te maaien | Foto: Omroep West

Voor het onderhoud in De Nesse en de andere nieuwe natuurgebieden werkt het Zuid-Hollands Landschap samen met de boeren uit de omgeving. Ze maaien de stukken met speciale machines en kunnen de maaiopbrengst van het land gebruiken of verkopen.

‘Maar op alleen dit soort land een bedrijf draaien is niet te doen’, beaamt Breedveld. ‘Een boer moet elke keer afwegen of de pacht van de grond genoeg oplevert. Maar hoe mooi zou het zijn als een boer die de natuur onderhoudt daar in de toekomst ook een bijdrage voor krijgt? Het is een maatschappelijke keuze of daar geld naartoe gaat.’

Dit bericht is gemaakt door Omroep West

Dit bericht is 1004 keer gelezen

Deel dit:

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor onze nieuwsbrief