Archief

Dit bericht is 781 keer gelezen

KRIMPENERWAARD – Jagers van de plaatselijke jagersvereniging Krimpenerwaard zijn afgelopen zaterdag het veld in gegaan om ganzen te tellen. “Dit is voor ons een jaarlijks terugkerende activiteit”, geeft bestuurslid Harm Koelewijn van de Wild Beheer Eenheid Krimpenerwaard aan. “Doordat er jaarlijks geteld wordt, geven de cijfers een overzicht van de trends in de ontwikkeling van populaties.”

Het aantal ganzen in Nederland is groot. Dit zorgt ook voor schade aan landbouwgewassen. Volgens BIJ12 betaalden provincies in 2020 31,6 miljoen euro aan tegemoetkomingen voor faunaschade. Dit is zes miljoen meer dan in 2019. De schade werd voor ruim negentig procent veroorzaakt door ganzen aan graslanden. De grauwe gans was als soort alleen al verantwoordelijk voor meer dan vijftig procent van de uitgekeerde faunaschade vorig jaar. Niet alle agrariërs registreren faunaschade; de totale faunaschade ligt dus naar verwachting veel hoger.

Op dit moment zijn de provincies verantwoordelijk voor de beheerplannen van de grauwe gans. Dit levert een lappendeken aan wet- en regelgeving op, stelt Koelewijn. “Terwijl in Europees verband landen samenwerken bij het beheer van de populatie grauwe ganzen werkt Nederland nog met een beleid dat per provincie is opgesteld. Dit vertoont dan ook grote onderlinge verschillen tussen de provincies waardoor wildbeheereenheden en jagers veel extra tijd kwijt zijn aan administratieve taken.”

In Nederland worden ganzen vooral gedood (geschoten of gevangen en vergast) in de periode dat zij volgens de Europese Vogelrichtlijn extra beschermd moeten worden: namelijk de periode dat zij naar hun broedgebieden gaan, nestelen, broeden en voor de jongen zorgen. Nederland maakt als enige land in Europa niet structureel gebruik van ganzenbejaging in de nazomer, herfst- en wintermaanden, wanneer dit volgens de Vogelrichtlijn is toegestaan.

Deze afwijking van de Europese Vogelrichtlijn in combinatie met de oplopende faunaschade maakt dat de Maatschappelijke Adviesraad Faunaschade recent de provincies adviseerde te werken aan één landelijk en uniform beheerplan voor de grauwe gans.

Koelewijn: “Als jagers zijn wij het grootste, opgeleide vrijwilligersnetwerk in het Nederlandse buitengebied. Een van onze jaarlijks terugkerende taken is om ieder jaar de ganzen binnen ons werkgebied te tellen. Ook wij zien een toename in het aantal ganzen over de afgelopen jaren. Momenteel levert het bejagen van ganzen een hoop administratieve rompslomp op. Daarnaast zien we dat de schade piekt in het voorjaar en vooral plaatsvindt op graslanden. Als jagers worden wij belemmerd om onze activiteiten goed uit te voeren. Daarom zou het prettig zijn wanneer de grauwe gans één landelijk beheerplan krijgt waarbij bejaging ook in de nazomer, herfst en wintermaanden kan plaatsvinden.”

Dit bericht is 781 keer gelezen

Deel dit:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor onze nieuwsbrief