Archieven

Dit bericht is 816 keer gelezen

De foto van het vijfjarig meisje dat als een bang vogeltje met neergeslagen ogen aan de hand van haar opa langs een krijsende en schuimbekkende meute demonstranten loopt bij de opening op 10 maart van het Holocaustmuseum in Amsterdam, is wat mij betreft nu al de foto van het jaar. Deze fotograaf heeft het begrepen, dit is geen ‘lucky shot,’ zoals sommigen wellicht zullen beweren. Deze foto heeft het allemaal: blinde haat, angst, eenzaamheid, liefde en bescherming door een oudere die voelt dat het nooit weggeweest is, falend gezag. Ik moest weer aan deze foto denken toen iemand me via facebook een plaatje stuurde met een vraag erbij. Ik heb geen verklaring voor die gedachtesprong naar 10 maart, maar je brein maakt soms vreemde uitstapjes. 

Op die toegestuurde foto zag ik een soort tribune, waarop een groep mannen dicht opeengepakt zat in onmiskenbaar eind jaren vijftig-, begin zestigkleding. Er was onder geschreven: “Veiling in Lekkerkerk, maar welke veiling?”  Ik herkende het direct, temeer omdat ik er als jochie van twaalf wel eens bij had gezeten als hulpje van de Bergambachtse groenteboer Gerrit van den Heuvel. Hij stond ook op de foto, evenals groenteboer Baartman. Je hebt van die foto’s die als een sleutel werken. Ze openen een deur naar een periode waarvan je direct alles weer glashelder ziet en herbeleeft. Dit is er zo een. De periode van groepen arbeiders in overall op de fiets, op weg naar de warme prak rond het middaguur, terwijl de torenklok beiert. Aan de kleur van hun overall, groen, blauw of kaki, zie je in welke timmerfabriek ze werken. De periode waarin de dorpsomroeper op zijn brommer, met een grote bel aan het stuur, heftig klingelend rondschreeuwt dat er noodslachtingvlees verkrijgbaar is. Waarschijnlijk van een koe die is afgemaakt omdat ze een poot gebroken heeft of door de bliksem is getroffen De smid die een paard beslaat dat met een touw aan de kerkmuur is vastgezet. Een hond kauwt op stukken van de hoeven die zijn weggekapt en op straat liggen. Het Dorp van Wim Sonneveld kruipt in je hoofd.

Het gebeurt iedereen wel eens: Je gaat naar zolder om iets te zoeken en stuit op een stapel fotoalbums. Je pakt er een, even doorbladeren. Uren later zit je er nog steeds en weet allang niet meer waarvoor je naar boven ging. De sleutel naar vroeger deed zijn werk weer. Of ik naar die tijd terugverlang? Niet echt. Het was achteraf bezien een knusse, onschuldige tijd. Maar het doet me ook denken aan armoede, aan die lelijke gekeerde jas waar ik op school om uitgelachen werd. Ook toen waren kinderen meedogenloos onderling. ’s Zondags stiekem langs het voetbalveld lopen om een glimp van de wedstrijd op te vangen en je daarna zondig voelen. Een gehersenspoeld kind. De geur van suddervlees op een oliestel op zaterdagmiddag, ook zo, n herinnering. Je voelde de zondag in de lucht hangen. Je hoopte dat het snel maandag was.

Nu ik het teruglees denk ik te weten waarom ik aan die foto van 10 maart moest denken. Dit meisje zal normaal gesproken ook momenten krijgen waarop ze terugblikt op haar leven en denken aan deze dag. Deze kras op haar ziel zal hopelijk genezen, maar het blijft een litteken. Je geheugen slaat alles op, hoe jong je ook bent. Een onuitwisbaar beeld.

Dit bericht is 816 keer gelezen

Deel dit:

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Meld je aan voor onze nieuwsbrief